In Panama is een schimmel verantwoordelijk voor de complete uitroeiing van ongeveer 40% van alle amfibiesoorten in het El Copé natuurpark. In het afgelopen decennium stierven 30 soorten uit, met daarbij vijf soorten die nog niet ontdekt waren. Dat blijkt uit een studie die gepubliceerd werd in het Amerikaanse wetenschappelijk tijdschrift Proceedings of the National Academie of Science USA (PNAS).
Door genetisch onderzoek te combineren met tien jaar veldonderzoek in Panama ontdekten biologen elf nieuwe amfibiesoorten, waarvan er al vijf uitgeroeid bleken te zijn. ‘We verliezen soorten vooraleer we ze kunnen vinden,’ zegt Andre Crawford, een geneticus aan de universiteit van Bogota, Colombia en auteur van de studie.
De grote schuldige is de schimmel Batrachochytrium dendrobatidis, die bij amfibieën de ziekte chytridiomycosis veroorzaakt en wereldwijd meer dan 2800 amfibiesoorten bedreigd. Besmette amfibieën krijgen een huid die veel dikker is dan normaal, waardoor de mogelijkheid om te ademen en afvalstoffen af te voeren afneemt.
De schimmel verspreidde zich in de jaren '90 vanuit het noordwesten van Panama over het volledige land. In afwachting van een uitbraak in het El Copé natuurpark bakende Karen Lips, een biologe aan de Universiteit van Maryland, in 1998 een gebied af waarin alle diersoorten in kaart werden gebracht. Zo konden de onderzoekers een vergelijking maken tussen de amfibieënpopulaties voor en na het uitbreken van de schimmelepidemie in 2004.
Uit analyse van teennagels en leverstalen van 297 dode dieren, vonden de onderzoekers 63 bestaande diersoorten. Via DNA-barcoding, een methode die aan de hand van korte genetische merkers uit het mitochondriaal DNA soorten benoemd, ontdekten Crawford en zijn team ook nog eens 11 onbekende amfibiesoorten Dertig van alle soorten in het gebied bleken een decenium na het eerste onderzoek uitgestorven, met daarbij ook vijf soorten waarvan het bestaan nog niet gekend was.
De schimmel stoppen is geen eenvoudige opdracht. De dieren kunnen genezen worden met schimmelwerende middelen, maar door het hoge infectiegevaar is het onmogelijk om gezonde exemplaren terug in het wild te introduceren.
‘De eerste onderzoeken zijn hoopvol over een oplossing, maar die is er voorlopig nog niet,’ aldus Crawford. Ondertussen verwijderen deskundigen enkele soorten uit hun natuurlijke habitat om een volledige uitroeiing te vermijden.