De vrije trap die Roberto Carlos in 1997 tegen Frankrijk scoorde is voor heel wat voetbalfans de meest indrukwekkende aller tijden. De Braziliaanse stervoetballer krulde de bal van op 35 meter in doel. De Franse doelman Fabien Barthez stond er bij en keek ernaar.
Net zoals bij elke historische gebeurtenis in de sport, lokte ook deze vrije trap discussie uit. Voorstanders waren euforisch over het doelpunt terwijl tegenstanders spraken van een ‘lucky goal’. Een groep Franse wetenschappers heeft nu aangetoond dat het niet om een toevalstreffer ging. Roberto Carlos werd geholpen door een knap staaltje fysica.
In hun labo bootsten de Franse wetenschappers de vrije trap met kleine plastieken voetballen en een katapult na. De ballen werden in water afgeschoten aan verschillende snelheden en met variërende spin om alle mogelijke trajecten te analyseren.
De tests bevestigden het Magnuseffect, dat een spinnende bal een cirkelvormig traject bezorgt. De ballen die over een equivalente afstand als de vrije trap van Roberto Carlos gingen, toonden een bijkomende, plotse richtingsverandering op het allerlaatste moment.
De vrije trap van Roberto Carlos begon met een klassiek cirkelvormig traject, maar draaide plots spectaculair terug naar doel, ook al leek de bal een moment eerder nog naast te vliegen. De onderzoekers doopten dit effect de ‘Spinnende bal spiraal’, een variatie op de cirkelvormige vrije trappen op kortere afstand (20-25 meter) van onder andere David Beckham en Platini.
Heel wat voetbalfans noemden de vrije trap van Roberto Carlos legendarisch omwille van de grote afstand waarop de bal succesvol werd binnengetrapt. Nu blijkt dat die grote afstand net noodzakelijk was om de bal een ultieme ‘zwieper’ mee te geven en alsnog in doel te doen verdwijnen. (kv)
Bekijk de vrije trap van Roberto Carlos: